De ware schapen


Divine Friendship Yogananda Painting | Singapore

Jezus komt tot deze conclusie: 'Mijn schapen luisteren naar mijn stem'. Maar wat of wie zijn de schapen van Jezus? Volgens Jezus waren dat de mensen van het Joodse volk. Dat was wel duidelijk toen hij zei:


‘Ik ben alleen gezonden naar de verloren schapen van het volk van Israël. Het is niet goed om het brood voor de kinderen aan de honden te voeren.'

Zo was het publiek voor Jezus mooi afgebakend. Namelijk zijn eigen godsdienstige volk. Want als je je publiek kent en hun godsdienstige gebruiken, dan kan je mooi gericht verkondigen. Maar Jezus ontdekt proefondervindelijk dat veel mensen in zijn doelpubliek geen interesse tonen of vooral niet kunnen begrijpen wat hij werkelijk bedoelt. Dat leverde heel wat frustratie op en dat hoor je goed in deze woorden van Jezus:


'Geef wat heilig is niet aan de honden en gooi je parels niet voor de zwijnen.'

De doelgroep van Jezus verkleint. 'Mijn schapen', zegt hij, 'zijn zij die luisteren naar mijn stem en mij volgen'.


De grote wereld is vervuld van schapen. Schapen genoeg. Maar binnen die grote wereld selecteert Jezus de schapen van zijn eigen volk en traditie. En binnen die kudde, selecteert Jezus de schapen die goed aandacht schenken, en die bereid zijn om het leven om te gooien. Kortom, de schapen die zijn stem herkennen.


Maar de kudde van Jezus blijft maar krimpen. Want de zogenaamde honden en zwijnen bevinden zich gewoonweg midden in zijn publiek. Daarom blijft Jezus herhalen:


'Geef wat heilig is niet aan de zwijnen. Ze zouden je verscheuren.'

En zo gebeurde het ook. Uiteindelijk werd hij verscheurd omwille van zijn boodschap.


Het publiek van Jezus dunt volledig uit. Bij zijn terechtstelling blijven er slechts twee volgelingen over. Maria en Johannes. Er zit voor Jezus niets anders op dan hoop aan te bieden ná dit leven. Want zijn opdracht hier op aarde wordt abrupt beëindigd.


Hij zegt: "Als je mij toch volgt, dan geef ik je eeuwig leven. In de eeuwigheid zal je niet verloren gaan. Mijn Vader is immers groter dan allen; groter dan de zwijnen die verscheuren. Niemand kan iets uit de hand van mijn Vader roven".


Er bleven nog twee volgelingen over aan het einde. Het is pas wanneer een van zijn latere volgelingen, namelijk Paulus, de grenzen verlegt, dat een nieuw publiek wordt gevonden. De heidenen dan nog wel ...


De heidenen? Vandaag zouden wij zeggen: de niet-kerkelijke mens. Misschien zijn daar wel schapen te vinden die de stem van de Herder verstaan, die goed luisteren en die Jezus wel willen navolgen.


36 weergaven

Recente blogposts

Alles weergeven