De gulden regel

Bijgewerkt op: 4 dagen geleden


“The Golden Rule” by Norman Rockwell. Oil on canvas.

In de oudste teksten vind je het universeel gewaardeerde advies terug. Namelijk, de gulden regel die ook wordt aangereikt door de Christus. Hij koppelt deze filosofische stelling aan zijn religieuze verkondiging en zegt: ‘Alles, wat gij wilt dat de mensen voor u doen, doet dat ook voor hen. Dat is Wet en Profeten’. Daartoe dient de godsdienst, zegt hij in feite.


De ‘Wet’ verwijst naar de van bovenaf geopenbaarde wil van God die zich uitdrukt in onnoemelijk veel en ook gedetailleerde geboden en verboden. Het is een poging om het menselijk gedrag voorspelbaar te maken en uitvoerbaar door een grote groep. Het brengt orde, maar evenzeer brengt het nieuwe problemen. Want, hoe meer regels, hoe meer kans dat je een overtreding begaat. Het biedt een manier van leven maar dan een die van bovenaf wordt opgelegd. ‘Profeten’ gaat om die reden een stapje verder. Dit zijn de verzamelde wijze inzichten die pogen om de geboden te nuanceren en te actualiseren.


Dat is in feite exact wat de Christus, de profeet van de liefde, ook doet. Hij perst de complexe Wet en de langdradige Profeten samen en durft die te vervangen met een filosofisch inzicht dat zelfs buiten de godsdienstige wereld steek houdt. Hij komt tot essentie. De gulden regel, of het beleven van de naastenliefde. To love and to be loved.


Eenvoudig, niet? Dit gouden aanvoelen zit immers in de mens ingebakken. We hopen goed behandeld te worden en beseffen dat we daartoe onze vrienden ook zo moeten behandelen. Dat hoef je niet uit te leggen. En toch, het lijkt in de praktijk niet zo eenvoudig. En ook dat horen we bij de Christus.


Frustratie

Weinigen lijken te aanvaarden dat deze eenvoudige regel alle complexiteit van wetten, dogma’s, handelingen en gebruiken vervangt. Weinigen komen tot de beleving van die gulden regel, alsof de poort naar de liefde te nauw is om er doorheen te komen. Dat is de frustratie van de Christus. Hij biedt de liefde aan, maar de mensen zijn weerspannig. Ze lijken de Wet te verkiezen boven de eenvoud van de gulden regel. En dat terwijl diezelfde Wet misschien wel bijdraagt aan de danig verstoorde samenleving.


Zo moeten wij ook de vraag aan Christus - leer ons bidden - begrijpen. Alsof dat elkaar liefhebben genoeg zou zijn… Bidden was de logische manier om je godsdienstige plicht te vervullen. Hoe vaker je bidt; hoe langer je gebeden, hoe beter je bent en hoe meer kans je maakt op vergeving bij God.


Maar ook die redenering zal de Christus doorprikken. Hij spreekt zich uit tegen lange gebeden en illustreert dit door de stapels gebeden die de traditie voorschrijft samen te persen tot een kort gebed waarbij God - uitvaardiger van de Wet - wordt aangesproken als een vader. En het moet ons niet verbazen dat ook hier de gulden regel wordt geïmplementeerd. ‘Wil je vergeven worden? Vergeef dan zelf ook je naaste.’


Wij zijn aan zet

Christus beseft maar al te goed dat de mensen enkel Gods vergeving zoeken om daarmee hun zelfzucht, oppervlakkigheid en pretentieuze houding te bedekken. Hij ziet zich genoodzaakt om de naastenliefde tot voorwaarde te maken van ware godsdienstigheid, om de mens alsnog te verleiden tot het volbrengen van de gulden regel. ‘God vergeeft uw schuld in die mate dat ook gij elkaar vergeeft’.


In essentie gaat het helemaal niet om goddelijke vergeving. Die hebben we immers altijd. Maar God gunt ons een liefdevolle samenleving waar de gulden regel geldt en waar de goddelijke liefde werkelijkheid wordt. Wij zijn dus aan zet.


Wanneer je nu een postmoderne, seculiere mens treft, die de gulden regel toepast, dan heb je iemand voor je die ‘Wet en Profeten’ volbrengt, zonder dat die nog maar een vinger uitsteekt naar een godsdienstige wet of verplichting. En wanneer je een humanist treft die in staat is te vergeven, dan bereikt die daarmee als vanzelf goddelijke hoogte. Het gaat werkelijk om de gulden regel, of het beleven van de naastenliefde.

To love and to be loved.

Daar staat tegenover dat ieder die denkt God te beminnen, of gewag maakt van een persoonlijke band met Jezus, maar niet de weg van de naastenliefde of van het beoefenen van de gulden regel bewandelt, aan de essentie voorbijgaat. Zo iemand mist de nauwe poort en blijft aanschuiven in de eeuwige file van de weg die naar de neerslachtigheid leidt.





 

Alles, wat gij wilt dat de mensen voor u doen, doet dat ook voor hen. Dat is Wet en Profeten. Gaat binnen door de nauwe poort; want de weg die naar de ondergang voert, is wijd en breed, en velen zijn er die hem inslaan. Hoe nauw toch is de poort en hoe smal de weg die voert naar het leven, en weinigen zijn er die hem vinden. (Mt. 7)


66 weergaven

Recente blogposts

Alles weergeven